zaterdag, maart 03, 2007

APS: functioneren allochtone plitiemedewerkers Dit is een origineel persbericht. 'Positie


APS: functioneren allochtone plitiemedewerkers

Dit is een origineel persbericht.

'Positie en expertise van de allochtone politiemedewerker. Op weg naar een volwaardige plaats binnen de politie', nieuwe uitgave in de reeks Politiewetenschap van het Programma Politie en Wetenschap.

Embargo tot: vrijdag 2 maart, 12.00 uur

Allochtone politiemedewerkers: waardering en achterstelling

Allochtone politiemensen zijn hard op weg om een volwaardige plaats binnen de politie te verwerven. Hun geschiktheid voor het vak staat niet ter discussie. Discriminatie van allochtone agenten binnen de korpsen komt voor, maar blijft binnen de perken. Er blijkt onder de collega's juist veel waardering te zijn voor de specifieke kennis die allochtone agenten meebrengen. Toch spelen vrij veel allochtone agenten met de gedachte de politie te verlaten. Mede doordat zij het gevoel hebben achtergesteld te worden bij promoties en toedeling van bijzondere taken. Een verhoogde uitstroom van allochtone medewerkers doorkruist het diversiteitsbeleid bij de politie en zou neerkomen op kapitaalsvernietiging.

Dit zijn enkele van de belangrijkste uitkomsten van een studie naar het functioneren van allochtone politiemedewerkers en mogelijke obstakels daarbij, die in opdracht van het Programma Politie en Wetenschap is uitgevoerd door Bureau Driessen in Utrecht. In het kader van het onderzoek zijn 499 allochtone agenten, 323 autochtone agenten en 220 operationele politiechefs geënquêteerd of geïnterviewd over onder meer hun beleving en opvattingen ten aanzien van werk en werkomstandigheden, collegiale omgangsvormen en gelijke kansen.

De politie wil het aandeel allochtone politiemedewerkers vergroten in verband met de legitimiteit van de politie en met het oog op de efficiëntie van het politie-optreden. Uit het onderzoek komen wat dit betreft zowel positieve als negatieve punten naar voren. Positief is dat er inmiddels vrij veel allochtone politiemedewerkers bij de politie werken (6.2%, circa 3000 medewerkers), die bijzonder tevreden zijn over hun werk (93%), die er trots op zijn dat ze bij de politie werken (80%) en die het goed kunnen vinden met hun autochtone collega's (91%).

Verder blijken de verschillen tussen allochtone en autochtone politiemedewerkers vrij klein te zijn. Zo hebben allochtone agenten wel vaker een geloof (76%) dan autochtone agenten (50%) maar ze zijn niet sterker op religie gericht (10% en 12%) en de opvattingen over de rol van de vrouw of over normen en regels verschillen nauwelijks. Ook zijn er maar weinig verschillen te ontdekken in de mensen waarmee de agenten buiten het werk omgaan. Het grootste verschil is dat veel allochtone agenten optrekken met autochtone vrienden en kennissen (90%), terwijl omgekeerd autochtone agenten vrij weinig allochtone vrienden en kennissen hebben (21%). In het onderzoek zijn ook geen aanwijzingen gevonden dat er op een voor de politie zo belangrijk punt als de integriteit wel verschillen zijn.

Door hun kennis en ervaring met allochtone culturen en omgangsvormen brengen allochtone agenten een speciale expertise mee. De autochtone chefs en collega's zijn goed te spreken over deze extra expertise, blijkt uit het onderzoek. Er bestaat ruime erkenning zowel van de algemene als van de specifieke expertise van de allochtone politiemedewerker.

Maar negatieve punten zijn er ook. Zo voelen allochtone politiemedewerkers zich minder veilig en vertrouwd op het werk en ook krijgen zij wel eens kwetsende opmerkingen te horen (20%, autochtonen 5%), maar de omvang van deze discriminatie is toch vrij beperkt.

Wel vinden allochtone politiemedewerkers dat zij vaak gepasseerd worden bij de selectie voor extra opleiding of promotie (28%) of voor belangrijke taken (18%). Al met al voelt ruim 40% van hen zich in meer of mindere mate achtergesteld; dat is twee keer zoveel als onder autochtone collega's. Vrij veel allochtone politiemedewerkers willen dan ook de politieorganisatie verlaten (18%, autochtonen 8%), vooral omdat ze zich achtergesteld voelen. Hun vertrek zou een gevoelig verlies voor de politie zijn. De politieorganisatie zou daarom alles in het werk moeten stellen om de negatieve punten te verhelpen, stellen de onderzoekers.

Het onderzoeksrapport is uitgegeven in de reeks Politiewetenschap van het Onderzoeksprogramma Politie en Wetenschap, een zelfstandig onderdeel van het kenniscentrum van de Politieacademie. Politie en Wetenschap is in mei 1999 ingesteld om het wetenschappelijk onderzoek en de kennisontwikkeling op het gebied van politie en veiligheid te stimuleren en tevens een impuls te geven aan een betere benutting van onderzoeksresultaten in politiepraktijk en opleiding. Daartoe is een meerjarig onderzoeksprogramma ontwikkeld. De uitvoering van dit programma geschiedt onder leiding van de directeur van het programmabureau, G.C.K. Vlek.

Nadere informatie kan worden verkregen:

Van de zijde van de onderzoekers:
- dr. F.M.H.M. Driessen tel. 030 - 2334779

Van de zijde van het Onderzoeksprogramma Politie en Wetenschap :
- G.C.K. Vlek tel. 055 - 5397215 of 06 - 22778644

Persexemplaren van het rapport zijn te verkrijgen bij de uitgever: Kerckebosch in Zeist of de Politieacademie in Apeldoorn (locatie de Kleiberg).


'Positie en expertise van de allochtone politiemedewerker. Op weg naar een volwaardige plaats binnen de politie'
J. Broekhuizen, J. Raven en F.M.H.M. Driessen (Bureau Driessen, Utrecht) Politiewetenschap 36. P&W Apeldoorn/Elsevier Overheid Den Haag, 2007.


ANP Pers Support, het ANP is niet verantwoordelijk voor de inhoud van bovenstaand bericht.

ANP Pers Support is een joint venture van het ANP en PR Newswire.